NYCEWAY

Nynke Cevik

 

LIEFDE BEN JE DAAR ALTIJD AL

 

LEESVOER VOOR HART EN ZIEL

De nieuwe school

Phoebe ligt op haar rug in het lange gras. Haar vleugels heeft ze voorzichtig om zich heen geslagen voordat ze is gaan liggen. Ze vindt het lelijk wanneer er te veel kreukels in komen. Elke dag staat Phoebe voor de spiegel om haar mooie gouden vleugels te bewonderen. Voorzichtig beweegt ze ze dan van links naar rechts. Een heel licht fladderen waardoor er telkens nieuw licht op valt en het lijkt alsof haar vleugels stralen. Op school leert Phoebe dat ijdelheid een zonde is, maar ze is gewoon verliefd op de schoonheid van haar vleugels. Als ze van iemand anders waren zou ze ze ook bewonderen. Echt waar, hoor.

 

Een kleurrijke vlinder landt op het puntje van haar neus. Het kriebelt maar Phoebe blijft doodstil liggen. Vlinders praten altijd zacht en ze is nieuwsgierig naar wat de vlinder van haar wil.

‘Dag mooie Phoebe, je bent een heel bijzonder meisje.’

Het geluid van de vlinder klinkt als het ruisen van blaadjes aan een tak bij een lichte windvlaag.

‘Dank je wel lieve vlinder,’ fluistert Phoebe om de vlinder niet te laten schrikken.

‘Binnenkort zal iemand je vragen of je een reis wil gaan maken. Denk er goed over na, Phoebe. Je moet namelijk iets achterlaten dat je erg belangrijk vindt.’

De vlinder aait kort over Phoebes wang, vliegt een stukje omhoog en draait als afscheid een paar perfect pirouetten. Het lijkt alsof er kleuren in de lucht gestrooid worden, zo fel zijn haar vleugels. Snel komt Phoebe overeind om achter de vlinder aan te gaan. Ze wil nog zo veel vragen stellen, maar vlinder is verdwenen. Opgegaan in een wolk met andere vlinders. Phoebe is moe geworden van het zoeken en vliegt naar huis.

 

‘Phoebe, mijn lieve dochter, waar was je nou?’ vraagt haar vader, terwijl hij haar voorzichtig in zijn armen neemt en zijn grote vleugels als een beschermende jas om haar heen vouwt. Phoebe legt haar hoofd tegen zijn borst en voelt dat haar lichaam zich vult met geluk. Van het puntje van haar tenen tot in het uiterste puntje van haar vleugels en dan verder naar haar hoofd. Samen zweven ze een stukje omhoog en genieten van elkaars warmte.

‘Ik ben er nu toch papa. Waarom zoek je me?’ vraagt Phoebe terwijl ze zich uitrekt om haar vader op zijn gladde wang te kussen.

‘Het hoofd van de engelenschool vraagt naar je. Ik denk dat het tijd is voor een bijzondere opdracht. Ik geloof in je, lief kind van me.’

Haar vader brengt zijn handen naar haar gezicht en kijkt diep in de blauwe ogen van zijn dochter. Hij probeert de groene spikkeltjes te tellen, maar weet dat het zinloos is.

 

Phoebe slaapt die nacht maar kort. Ze weet wat het betekent als je een opdracht krijgt. Regelmatig verdwijnt er een kind uit de klas. Niemand stelt daar vragen over. Ze zijn er aan gewend. Dit is haar eerste keer en ze weet niet wat er gaat gebeuren. Het voelt of haar buik vol vlinders zit.

 

Aan het einde van de volgende schooldag is het zover. Juf Mariëtte knikt heel kort naar haar en ze blijft zitten wanneer alle kinderen de klas verlaten.

‘Phoebe, je bent een goede leerling. Ik heb met het team gesproken en we denken dat je er klaar voor bent. Ben je bereid om je vleugels op te bergen in je persoonlijke kist? Ik weet dat ik veel van je vraag. Het is tijd om je leerschool ergens anders voort te zetten. Ooit kom je terug en dan krijg je je vleugels weer terug. Dat weet je toch, Phoebe?’

 

Ergens in een klein landje wordt de volgende dag een baby geboren. Haar ogen zullen felblauw worden met groene spikkeltjes en ooit op een dag zal ze haar vleugels uitslaan en op zoek gaan naar haar bijzondere opdracht.