De andere Maria

Wat als je er op een dag achter komt dat je bijzondere gidsen bij je hebt en in staat bent de informatie die ze doorgeven op papier te zetten. Dat is moeilijk te geloven en houd je liever voor jezelf.  Ik was wel geïnteresseerd in spiritualiteit maar dacht dat ik zelf geen bijzondere gaven had. Een paar jaar terug kwam ik er in een workshop ‘communiceren met gidsen’ achter dat niet mijn overleden oma, zoals ik dacht, maar een rijtje indrukwekkende gidsen van engelen en verlichte meesters mij vergezelden op mijn spirituele pad. Ik had me er altijd over verbaasd dat ik zo makkelijk schreef alsof het ergens anders vandaan kwam. Kort na de workshop begon ik aan een boek over een deel van het leven van Maria Magdalena en Jeshua (Jesus) en de prachtige liefde die zij samen hadden. Met tussenpozen schreef ik een klein stukje per dag. Informatie die ik niet zelf verzon maar doorkreeg wanneer ik me kort afstemde op mijn gidsen.

Toen ik in 2018 een lang gekoesterde droom realiseerde en met mijn man naar Turkije emigreerde had ik eindelijk tijd om dit bijzondere boek af te maken. Het liep anders dan verwacht. Ons avontuur veranderde in een nare droom toen ik de diagnose ‘stadium vier’ borstkanker kreeg met een levensverwachting van drie maanden. Een ding wist ik zeker: mijn levensmissie moest nog beginnen en ik zou zeker niet doodgaan. Al snel kreeg ik van mijn gidsen door dat het de bedoeling was dat ik nog een tweede boek zou schrijven, ‘De buitenlandse vrouw’, over mijn eigen spirituele groeiproces en de omgang met mijn ziekte.

Het derde deel van dit boek gaat over Meryem, de dochter van Maria Magdalena en Jeshua. Ook zij had een belangrijke missie. Haar leven was niet makkelijk maar wel vol liefde van haar bijzondere ouders en haar tweelingziel Joël. Toen alle puzzelstukjes op hun plek stonden bleek dat ik een heel bijzonder verhaal doorgekregen had. Een verhaal dat veel mensen zal helpen in deze nieuwe spirituele tijd op aarde waarin het Christusbewustzijn steeds meer mensen aanraakt in hart en ziel.

 

1 De vaste klant


Door een kiertje in de gordijnen zie ik steeds meer mannen aansluiten in de rij voor mijn huis, ongedurig wachtend tot ik de blauwe deur open. Degenen die hun postuur mee hebben mengen zich halverwege. Mannen die mijn huis straks weer verlaten maken plaats voor nieuwe gegadigden, in een eindeloze variatie van soorten en maten. Bontgekleurd maar ook sober, zelfs een beetje armoedig. Het laatste geld bij elkaar geschraapt omdat de lust zwaarder telt dan de knorrende maag. Ik laat het gordijn los en haal de grendel van de deur. De dag is net begonnen en ik zit nog vol energie. Met de tijd heb ik geleerd om er zuinig mee om te gaan, alleen mijn lichaam te geven en mijn hart voor mezelf te houden.


Mijn vaste klant komt in het donker op late uren. De rij die als een vervellende slang de hele dag in vorm gevarieerd heeft, is dan al een paar uur verdwenen. Deze klant voor de nacht negeert het bordje ‘gesloten’ omdat hij weet dat hij welkom is. Ook hij heeft een drukke dag achter de rug en veel mensen geholpen op zijn manier. Ik open mijn mantel voor hem en voeg onze lichamen samen in een intiem moment van rust. Zijn warmte vernieuwt mijn vermoeide lijf. Kort kus ik hem op de mond en duw hem dan plagend van me af. Als ik een paar stappen achteruit zet om water uit de bron te halen, blijf ik hem in zijn mooie ogen kijken. Ik heb genoeg geld om mijn geschilferde, bronskleurige kruik te vervangen, denk ik als ik langs de randen strijk, maar ik ben gehecht aan dit poreuze voorwerp. Het verzamelen van genoeg water om mijn speciale gast te wassen brengt me rust.


‘Ga maar liggen, ik weet dat je moe bent.’


Langzaam stroop ik de lagen kleding van hem af en leg ze in de hoek om later te wassen. Het lichaam voor me is anders dan alle mannenlichamen die ik in mijn leven onder ogen heb gekregen. Waarom dit lichaam nou juist zo anders is weet ik niet precies. De huid is zacht voor een mannenhuid, de kleur bijzonder. Het lijkt of er goudspikkels in zijn poriën glinsteren. Wanneer het vuil er afgewassen is met het water uit mijn oude kruik en de in geurende olie gedrenkte lappen, geniet ik van de huid van deze bijzondere man. Verken ik zijn lichaam telkens opnieuw met mijn mond voordat ik me naast hem vlei in een langdurige omhelzing waarin alle indrukken van de dag worden gewist. Als een zuiverende regenbui spoelen de resten van alle mannen van vandaag met het grondwater mee de aarde in. Vaak begrijp ik maar half waar hij het over heeft, deze mysterieuze bekende. Intuïtief voel ik dat alleen luisteren voldoende is, voor nu.


Zijn gezelschap begint steeds meer te verworden tot een sensatie die ik bij niemand eerder ervaren heb. Mijn leven is tot nu toe verstrengeld met eenzaamheid en een gevoel nergens thuis te horen. Al die mannen uit de rij, die ik elke dag één voor één binnenlaat, geven me het gevoel dat ik in mijn lichaam ben, dat het een instrument is dat voor verbinding zorgt. Verbinding tussen hemel en aarde. Met liefde geef ik mijn lichaam ter bevrediging van andermans behoeften. Mijn eigen behoeften leken nooit belangrijk, tot nu. Nu deze heerlijke man elke nacht van mij is, nog steeds als klant en niet als geliefde, raak ik de bekende routine kwijt en voel ik me verloren. Alsof het leven niet meer van mij is. Op het moment dat ik naar zijn bezoeken uit begin te kijken weet ik dat er iets verschoven is in mijn ideeën over de bevrediging van mijn eigen behoeften. Dit is de eerste man die mijn vuur weet te vinden. Die blijft blazen tot het omhoog laait als een oogverblindend spektakel waarin ik samensmelt met dit bijzondere opperwezen en niet meer bij machte ben op tijd water op het vuur te gooien.


‘Maria, weet je wel hoe mooi je bent?’


In het kaarslicht probeer ik zijn donkere ogen te peilen. Hoe zou het zijn als deze man een andere rol in mijn leven krijgt? Mijn eigen gevoelens kan ik nog wel ontkennen, ik weet dat ik sterk ben, maar wat als hij dezelfde gevoelens voor mij heeft? Ik voel de angst tussen ons in kruipen als een muur die geen liefde en warmte doorlaat. Een oude muur overwoekerd door onkruid.


2 De andere Maria


Hij is weg, mijn speciale minnaar, die ik ‘mijn redder’ noem, hoewel ik nog niet weet of ik gered wil worden. Het lukt me niet om op te staan. De angst om oude pijn onder ogen te zien is groot en voedt mijn behoefte voor altijd onder de dekens te blijven liggen als in een donker hol waar het daglicht niet bij kan. Vanuit mijn buik voel ik de pijn als een gedrocht naar boven kruipen. Weer vecht ik met het monster. Grom ik, schreeuw ik terwijl ik mijn nagels klauwend in hem sla. Na een nieuwe, zinloze strijd rol ik mezelf op, mijn knieën tot net onder mijn kin en lik mijn wonden. Zoals altijd verlies ik maar voel ik me na afloop opgelucht. Als ik de lakens wegsla test ik met mijn blote voeten de temperatuur van de lemen vloer. Een paar minuten tijd gun ik mezelf zo nog, om de koelte via mijn voeten omhoog te laten trekken naar mijn hoofd, mijn gloeiende wangen. De vlekken op de muren, die ondanks de bontgekleurde inrichting van mijn slaapvertrek op momenten als deze niet aan mijn aandacht kunnen ontsnappen, vertellen een eigen verhaal. Kleur houdt me levend. Elk nieuw, bont voorwerp dat ik ergens vind, op een markt, in een klein winkeltje, kan ik moeilijk weerstaan. Er zijn ook klanten die me al langer kennen en kleine prullaria voor me meenemen, als om me gunstig te stemmen of extra speciaal te zijn in mijn ogen. Ik koester elk voorwerp en neem de tijd om er even aandacht aan te besteden. Soms aai ik het kort of praat ertegen. Ze zijn me zo vertrouwd, stuk voor stuk hou ik van ze, de voorwerpen uit mijn verzameling.


Vandaag neem ik een rustdag, schiet het door mijn hoofd, een cadeau voor mezelf en ik schuif de extra grendels voor de deur. Voor de spiegel kam ik de klitten uit mijn lange donkere haar. Het zware begin van de dag heb ik zojuist van me afgespoeld met behulp van mijn trouwe kruik. ‘Zal ik vannacht mijn hart een stukje verder openen?’ vraag ik aan de kruik alsof het ding mijn beste vriend is. Mijn hart verder openen voor die ene, die man die me niet onberoerd laat ondanks alle oefening. Tot nu toe heb ik altijd precies geweten hoe ik ze moet behandelen, de mannen, hoe ver ik ze laat komen en wanneer het moment komt om de deur te sluiten. De laatste weken dringen beelden over een ander leven door de kieren van de blauwe deurplanken mijn hoofd binnen. Een toekomst samen met één man, afscheid van al die anderen. Ik zie mijn ogen in de spiegel veranderen als ik aan zijn handen op mijn lichaam denk. Wat voor krachten draagt deze mooie man in zich? Hij bezit het vermogen mijn lichaam en ziel voor even op te lichten. Door een simpele aanraking weet hij me te vullen met hoop en verlangen. Is het dan toch mogelijk om het verleden achter me te laten? Gewoon mijn gekleurde spulletjes in een koffer doen en op weg gaan?


~~

‘Maria, waarom heb je het huis niet opgeruimd?’


Snel schoof ze haar verzameling gevonden voorwerpen onder haar rok. Haar moeder sprak vandaag met haar slechte stem. Het meisje kromp in elkaar en begon te bidden, maar kon niet voorkomen dat ze aan haar arm omhoog werd getrokken. De klap raakte haar vol op de wang.


 ‘Nee, mama, nee, ik zal alles doen wat je wil. Niet doen, mama.’


Ze veegde haar wangen droog met haar vieze mouw terwijl ze naar de voeten staarde die haar schatten dieper in het zand drukten totdat alle kleur uit de kamer verdwenen was.


Soms boden de mannen van haar moeder haar troost. Sommigen namen wat voor haar mee en spraken kort met haar voordat het hun beurt was om door het gordijn die andere wereld in te gaan. Op haar goede dagen was moeder de allerliefste. Dan mocht Maria haar mooie haren borstelen en zongen ze samen liedjes die alles mogelijk maakten.


‘Maria, jij gaat een mooi leven krijgen, mijn meisje. Als ik genoeg geld heb gaan we weg. Dan doe je al je gekleurde schatten in onze tas en gaan we naar een plek waar het alleen maar mooi is.’


Op die dagen was haar mooie moeder van haar en hoefde ze haar niet te delen met al die verschillende mannen die er geweest waren zolang Maria zich kon herinneren.


~~


Er zijn genoeg mannen geweest die me mee wilden nemen. Gouden bergen tekenden ze in het zand op de vloer, een hele nieuwe wereld als dat zou helpen. Op allerlei manieren heb ik me gewapend tegen deze verleidingen om mezelf te behoeden voor nieuwe teleurstellingen. Mijn hart is alleen van mij en daarom heb ik het lang geleden losgesneden van mijn lichaam. ’s Avonds wanneer de deur eindelijk dicht blijft haal ik het uit zijn doosje, mijn kostbare hart en mag het terug op zijn vertrouwde plaats. Dan word ik de andere Maria. Degene die compleet is, maar naast de liefde ook de pijn weer kan voelen in een duivels dilemma.

 Nyceway kvk 77856260   btw-id NL003250712B29                              Er staat copyright op alle teksten op deze site; ze mogen niet zonder toestemming van de auteur elders gebruikt worden

Zonder zelf kleiner te worden

kan men anderen doen groeien

                                                     Lao Tzu

 o